Comazuipen

maart 26, 2012

Toen dit blog nog niet bestond, riep ik al dat het een slecht idee was om de zorg in handen te geven van verzekeraars. Verzekeraars zijn er namelijk om niet uit te keren. Zo verdienen ze hun geld. Net als dat de bakker bij u op de hoek er niet is om u van brood te voorzien, maar zichzelf.

De consequenties waren destijds al te voorzien. Nu zijn het de comazuipers, straks rokers, mensen met overgewicht, dan motorrijders en bergbeklimmers en langzamerhand zullen de geesten rijp worden voor het aanpakken van bijvoorbeeld sporters in het algemeen, tachtig plussers, laagopgeleiden of werklozen.

Uiteindelijk zullen alleen zij verzekerd zijn, die lid zijn van de club die mag bepalen wie wel en niet verzekerd is. Tegen de tijd dat het zo ver is, zal de club die dat mag bepalen iedereen eruit gooien die ze om wat voor reden dan ook niet aanstaat.

De redenen daarvoor zullen voornamelijk financieel zijn. Maar de gebruikte gelegenheidsargumenten zullen fijn meedeinen op de leefstijl-mode. De mogelijkheden zijn onbeperkt, afhankelijk van hoe de maatschappij zich ontwikkelt: pastoors, managers, joden, moslims, atheisten, vrijgezellen, Fokke & Sukke. Overal is wel een reden bij te bedenken. Dat is een kwestie van stug doordenken tot je er bent.


Onze excuses voor het ongemak

maart 23, 2012

Dat de treinen niet of slechts chaotisch rijden na een computerstoring begrijp ik. Ook dat het nog even duurt voordat alle treinen weer normaal rijden na afloop van zo’n storing is begrijpelijk.

Maar iemand moet me toch eens uitleggen hoe het komt dat bij spoorcalamiteiten alle treinen ineens de helft korter worden. Waar blijven al die andere treinhelften?


Wakker Nederland

maart 22, 2012

Ik las de kop vanochtend in het voorbijgaan: “Stop zorg bij agressie” en dacht nog: typisch een kop voor die krant. Maar nu blijkt het een ministerieel voorstel te zijn. Als patiënten agressief zijn, dan moet volgens de minister ook overwogen kunnen worden de zorg stop te zetten.

Bij dat soort voorstellen moet ik altijd denken aan die vriendelijke en zeer beleefde Surinaamse jongen met suikerziekte, die af en toe op de eerste hulp terecht kwam met een hypo. Een hypo is als je suikergehalte zo laag geworden is, dat er onmiddellijk suiker in je systeem moet. Gebeurt dat niet, dan kun je daaraan dood gaan. Maar voor het zover is, gebeuren er eerst hele andere dingen.

Ooit in een vertraagde tram gestaan op weg naar een dringende afspraak met een forse hongerklop? Dan is u wellicht opgevallen dat je dan behoorlijk agressief kunt worden, al is het maar in gedachten. Komt van het suikertekort. Sommige mensen worden extreem agressief als hun suiker echt op raakt. Bijzonder nuttig, want om snel aan voedsel te komen is een forse dosis agressie wel handig.

Bij een hypo is je suikertekort zo extreem dat sommige mensen zichzelf niet meer zijn. Zo ook deze Surinaamse jongen, die bij een hypo altijd de boel kort en klein sloeg. Voordat iemand hem suiker kon toedienen, moesten er altijd eerst zes man op hem gaan zitten. Na afloop kwam hij steevast aan het verzamelde personeel zijn excuses aanbieden.

Het zal vast de bedoeling van minister Schippers niet zijn om deze Surinaamse jongen wat sneller aan zijn eind te helpen. Bij levensbedreigende aandoeningen moet de zorg -natuurlijk- niet gestopt worden. Dat klinkt als de principiële taal die beleidsmakers altijd uitslaan: in de juiste situatie gaan we de juiste passende beslissing nemen, en is de situatie anders, dan nemen we natuurlijk een ander passend besluit. Alsof je dat kunt besluiten.

De werkelijkheid is weerbarstiger: er komt een agressieve Surinamer binnen. Iemand moet dan besluiten dat het om een suikerpatient gaat met een hypo, zich realiseren dat agressie daar bij kan horen en beslissen dat er suiker in die Surinamer moet. Nu, meteen! De vraag is niet of dat goed gaat, maar hoe vaak? Hoe vaak komt deze jongen op de EHBO? Hoe vaak komen zijn lotgenoten er? Hoe groot is de kans dat ze een geroutineerde professional treffen? Hoe groot is de kans dat die adequaat reageert?

De echte vragen gaan over statistiek. En ze worden niet gesteld.


Gelegenheidsargument

maart 11, 2012

Nu heb ik het echt helemaal gehad met staatssecretaris Zijlstra. Heb ik net geblogd over de maatregelen die Nederlandse studenten moeten dwingen om hun studie vooral niet via werk te bekostigen maar via een lening, smijt hij het ineens over een andere boeg. Nu hebben buitenlandse studenten uit de EU ineens geen recht meer op een studiebeurs in Nederland als ze niet minstens 14 uur per week werken. Voorheen was dat 8 uur.

Je moet bepaald een licht zijn om eerst te bedenken dat studenten vooral hun tijd moeten besteden aan studeren en niet aan werken, om vervolgens precies het omgekeerde te bedenken als die studenten uit de Europese Unie komen. Dat zijn dus praktisch onze medeburgers, voor wie het nog niet in de gaten had. Het gaat hier niet om Iraniërs die hier kernfysica willen komen studeren of zoiets.

Maar doctorandus Zijlstra heeft wel twee redenen gevonden. Ten eerste schijnt hij het een goed idee te vinden dat er buitenlanders hier komen studeren, maar hij wil liever niet dat ze dat doen om financiële redenen. Dat is een uitstekend argument, alleen niet voor een liberaal die namens de VVD in het kabinet zit. Wat kan een liberaal er nou -dogmatisch gezien- op tegen hebben als een student een bewuste en doordachte keuze maakt hoe hij zijn beperkte tijd en financiële middelen in zijn eigen toekomst zal gaan investeren? Voor Nederlandse studenten was dat wel de gedachte gang achter het recente wetsvoorstel dat hen juist van werken af moet houden.

Het gaat ook helemaal niet om de gewenste principes voor studenten. Die zijn er voor de gelegenheid even bij gesleept omdat ze in dit toevallige geval de vooraf gewenste conclusie ondersteunen. Nee, het gaat om geld. In 2006 kostten deze studenten ons land nog 6 miljoen en nu is dat 26 miljoen. Met recht op 266 euro studiefinanciering per maand bereken ik dan (kort door de bocht) dat het om een toename van 1880 naar 8145 EU-studenten gaat. Dat zijn 6265 studenten meer in 6 jaar, meer dan 1000 extra aanmeldingen voor buitenlandse studenten per jaar. En dat heeft echt niemand zien aankomen.

Ook die 26 miljoen zijn een gelegenheidsargument. Want er zijn véél meer Nederlandse studenten dan die ruim 8000 buitenlanders die ook recht hebben op studiefinanciering en die kosten ons dan ook vast véél meer. Maar daar heeft de staatssecretaris het niet over. Dat is kennelijk wel ok. Logisch en consistent is anders.

De werkelijke reden is dat buitenlandse studenten na hun studie terug naar huis gaan en wij hier de vruchten van onze investeringen in hun studie niet kunnen plukken. Volgens de goed liberale principes ‘voor wat, hoort wat’ en ‘niks voor niks’ kan dat natuurlijk niet. Maar ja, in EU-verband sla je natuurlijk wel een pleefiguur -om de liberaal Bolkestein maar eens te citeren- als je gaat roepen dat je je zo-goed-als-medeburgers niet wilt helpen opleiden. Voor je het weet sturen ze alle Nederlandse studenten die in het buitenland zitten terug.

Dat is waarschijnlijk ook de reden dat Zijlstra het niet heeft over de meest logische oplossing voor zijn probleem: laat studenten hun -deels uit publieke middelen betaalde- studie eerst terugbetalen. Dat kan op twee manieren: door hier een tijd te werken en belasting te betalen, of door het bedrag in één keer op tafel te leggen. Hun diploma kunnen ze daarna ook daadwerkelijk afhalen. Dat doen ze ook zo in Iran bijvoorbeeld en daarvoor mag Zijlstra de bestuurderen daar heel dankbaar zijn, want anders kwamen er nog véél meer hoogopgeleide Iraniërs naar ons land.


Dogma

maart 7, 2012

Zo’n 30% van de werkloos geraakte 55-plussers is na 12 maanden weer aan het werk. Voor 45 tot 55-jarigen is dat 50%, voor alles jonger dan 45 is het 71%, volgens onderzoek van het UWV. Eén van de factoren die blijken de kans op werkhervatting te kunnen voorspellen is persoonlijk contact met de beoogde werkgever En daar gaat het mis: vrijwel niemand nodigt een 55-plusser nog uit voor een gesprek.

Dat wisten we natuurlijk al, maar het kan nooit kwaad als zoiets eens ordentelijk wordt onderzocht en in cijfers uitgedrukt. Ongeveer 17% van de 55-plussers slaagt erin op sollicitatiegesprek te gaan. Mensen die jonger zijn dan 45 lukt dat bijna tweemaal zo vaak: 28%. Achterliggende oorzaak: werkgevers hebben een positief beeld van bijvoorbeeld de loyaliteit, kundigheid en creativiteit van oudere werknemers, maar een negatief beeld van hun productiviteit. Dat laatste geeft de doorslag.

Gebaseerd op onderzoeksgegevens gaat het UWV dus nu werkloze 55-plussers extra begeleiden, speciaal om ze in persoonlijk contact te brengen met die werkgever. Enig effect zal dat vast gaan sorteren en ook als het dat niet doet, biedt het de oudere werkloze een gelegenheid om aan het UWV te laten zien dat het vinden van een baan hen ernst is. Da’s namelijk wel nodig als je in de WW zit.

Maar een effectieve aanpak is het natuurlijk niet. Het echte probleem zijn namelijk banen en onze ideeën over ouderen. Zolang er meer werkzoekenden zijn dan banen, zal een positief effect hier altijd negatieve consequenties elders hebben en dus niet echt bijdragen aan de bestrijding van werkloosheid. En zolang we over ouderen blijven denken zoals we in onze cultuur over ouderen denken, zullen betere sollicitatievaardigheden hen nooit echt wezenlijk verder helpen.

Waarom doen we dit dan? Volgens mij omdat we denken dat werklozen zelf verantwoordelijk zijn voor het vinden van een nieuwe baan. Dat idee is natuurlijk nooit helemaal voor de volle 100% onzin, en dat maakt het zo verraderlijk. De volle waarheid is het namelijk beslist niet. Werklozen mogen dan verantwoordelijk zijn voor een goed CV, een mooie brief en een beetje fatsoenlijke voorbereiding op een gesprek, ze zijn niet verantwoordelijk voor economische en culturele ontwikkelingen die hun hoofd ver te boven gaan.

Toch lijken we dat nooit te beseffen. Als ouderen het zwaar hebben op de arbeidsmarkt, sturen we ze op sollicitatiecursus. Als ouders met werkende kinderen niet werken, zoeken we naar mogelijkheden om ze onder druk te zetten. We geloven kennelijk dat de mensen zelf het allemaal kunnen veranderen en zelf verantwoordelijk zijn. Ik meen dat het Job Cohen was die dat ooit ‘het Evangelie van de Eigen Verantwoordelijkheid’ noemde en daarmee de eerste was die het identificeerde als een geloofsovertuiging.

Maar het is meer dan dat: het is een dogma. In de zin dat teveel mensen er heilig in geloven en niet meer op het idee komen, of kunnen komen, dat het misschien niet de volle waarheid is. In ieder geval niet de waarheid die je van het probleem af zou kunnen helpen. Die is een stuk groter en een stuk minder goed te controleren. Aan economie en cultuur verander je niet zo snel iets.

Dan maar geloven in de dingen waar je wel wat aan kunt doen, ook al helpen ze maar marginaal. Er wordt wel vaker gezegd dat gelovigen geloven uit intellectuele luiheid. Soms zie ik daar het punt wel van in.


Achterhoedegevecht

maart 6, 2012

Het wetsvoorstel is er nog niet, maar er ligt al wel wat informatie op tafel over de plannen van het kabinet om dubbele nationaliteiten zoveel mogelijk te voorkomen. De voorstellen gaan nu zelfs zo ver dat Nederlanders in het buitenland er de dupe van worden, zo blijkt uit kamervragen.

Een parmantige mislukking: de wet is vooral gericht tegen de mogelijkheid dat immigranten een dubbele nationaliteit verkrijgen. Dat gaat juist om immigranten die merendeels uit landen komen die het verlies van de oorspronkelijke nationaliteit niet erkennen in hun wet, zoals Marokko. Laten we daar vooral niet geheimzinnig over doen. Voor hen kan de minister niet anders dan een uitzondering maken. Wet mislukt. Nu al.

Maar uit een typisch Nederlandse gelijkheidsgedachte komt nu wel het voorstel voort dat wat voor immigranten geldt, natuurlijk ook voor emigranten moet gelden. Als je dat idee niet toepast, zou de buitenwereld namelijk wel eens kunnen gaan denken dat je discrimineert, en zo doen wij dat niet in Nederland. Met als gevolg dat Nederlandse expats, voor wie een tweede nationaliteit soms verdraaid handig kan zijn, nu slachtoffer worden. Terwijl zij nu juist niet de beoogde doelgroep zijn. De al mislukte wet schiet zijn doel dus ook nog eens, als een verdwaalde kogel, voorbij.

De wereld is als een gekke aan het globaliseren. Facebook, Twitter, Skype: het is zomaar mogelijk om kennissen die aan de andere kant van de planeet wonen, vaker te zien dan vrienden bij je om de hoek. Daar komen relaties uit voort, ik kan er over meepraten. De globale economie zorgt er evengoed voor dat mensen van allerlei nationaliteiten zo ongeveer overal werken. Je nationaliteit, met andere woorden, doet er steeds minder toe.

Dat wordt overal ter wereld erkend: de mogelijkheden om meerdere nationaliteiten te hebben worden doorgaans juist verruimd in andere landen. Maar niet hier in Nederland: daar moet je nationaliteit ineens -tegen alle ontwikkelingen in- iets exclusiefs zijn. Het is een achterhoedegevecht waarvan nu al vast staat dat het verloren is.